Ontwikkelen met duurzaam wateroogmerk 

 

Klantnaam: Waterschap Aa en Maas en de Dommel 
Jaar: 2007 
Type Klant: Waterschappen 
Locatie: Noord-Brabant 
Expertise: Hydrologie stedelijk gebied 

 

Aandacht voor wateroverlast, veiligheid, waterkwaliteit en inrichting van watersystemen is vanaf de start van de ruimtelijke plan- en besluitvorming van groot belang om tot gewenste gezonde en duurzaam ingerichte watersystemen te komen. Het instrument 'watertoets' biedt de mogelijkheid vroegtijdig te anticiperen op ruimtelijke ontwikkelingen door ruimtelijke plannen onder meer te toetsen aan "hydrologische neutraliteit" conform het waterbeleid.

Voor Waterschap De Dommel en Waterschap Aa en Maas heeft Royal Haskoning de beleidsterm "hydrologisch neutraal ontwikkelen" inhoudelijke uitgewerkt en onderbouwd. Bovendien zijn de (nieuwe) uitgangspunten en randvoorwaarden van beide waterschappen bij dit project geïntegreerd. Deze uitgangspunten en randvoorwaarden worden toegepast in het proces van de watertoets.

Hydrologisch neutraal ontwikkelen
De beleidsterm "hydrologisch neutraal bouwen" geeft invulling aan het "niet afwentelen" principe, zoals door de commissie waterbeheer 21e eeuw (WB21) is gegeven. Beter is het te spreken van hydrologisch neutraal ontwikkelen, omdat ook andere ontwikkelingen dan bouwprojecten dienen te worden getoetst. In principe heeft elke ruimtelijke ontwikkeling invloed op de hydrologie. De beleidsterm "hydrologisch neutraal" heeft dan ook vooral betrekking op het zo veel mogelijk (binnen de ontwikkeling) neutraliseren van de negatieve hydrologische gevolgen van toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen in ruimte en tijd. De ontwikkeling mag geen hydrologische achteruitgang aan de randen van het plangebied ten opzichte van de referentiesituatie tot gevolg hebben. Zo mogen bijvoorbeeld geen hydrologische knelpunten worden gecreëerd voor de te handhaven en de vastgelegde toekomstige landgebruikfuncties in het plangebied en het beïnvloedingsgebied.

 

Toetsaspecten
De definitie van 'hydrologisch neutraal ontwikkelen' is vertaald in een aantal toetsbare criteria:

 A.   Er is geen toe- of afname van de waterafvoer op de rand van het plangebied;
 B.  Er mogen geen veranderingen van oppervlaktewaterstanden optreden op de grens van het plangebied en daarbuiten (tenzij veranderingen gewenst zijn);
 C.  Er mag geen overlast optreden door extreme gebeurtenissen;
 D.  De omvang van grondwateraanvulling blijft gelijk (dit is de som van infiltratie vanaf oppervlak, inzijging vanuit oppervlaktewater, kwel en drainage);
 E.  Er mogen geen veranderingen van grondwaterstanden optreden op de grens van het plangebied en daarbuiten
(tenzij veranderingen gewenst zijn).

Toetsmethodiek
Ruimtelijke ontwikkelingen verschillen in planomvang, mate van verandering en dergelijke. Daarom is voor het toetsen van hydrologische neutraliteit onderscheid gemaakt in drie
toetsmethodieken met een verschillend detailniveau. Met behulp van de beslisboom kan een keuze worden gemaakt:


1. Toetsing met behulp van kengetallen;
2. Toetsing met behulp van een eenvoudig bakjesmodel;
3. Toetsing met behulp van een (geo)hydrologisch model
(bijvoorbeeld SOBEK als oppervlaktewatermodel en Triwaco
als grondwatermodel)

 

De praktijk
Ieder ruimtelijk ontwikkelingsplan is uniek. De toetsing van deze plannen is dan ook maatwerk. De rapportage 'Ontwikkelen met een duurzaam oogmerk' is een instrument waarmee betrokkenen helder met elkaar kunnen communiceren. Waterschappen De Dommel en Aa en Maas hebben daarom elke gemeente in
hun beheersgebieden een exemplaar van de rapportage toegestuurd. Via de gemeente kunnen de uitgangspunten uit de rapportage gecommuniceerd worden, met burgers en bedrijven (bijv projectontwikkelaars), met behulp van bijvoorbeeld het Digitaal Wwaterloket. Op deze wijze is een stap
gezet in het concept "risico-denken" in stedelijk gebied.

 Mw. M. Wille tijdens de afsluitende projectgroep bijeenkomst:

"Dit document is een prachtig instrument waarmee waterschapsmedewerkers zowel intern als extern helder kunnen communiceren over de beleidsuitgangspunten, voorwaarden en normen om de negatieve hydrologische consequenties te compenseren. Daarmee is dit document vanaf nu onmisbaar in de watertoetsprocedure."

Projectleider Waterschap Aa en Maas (073 - 6156666)



Terug naar Wij zijn trots op

Contact


Oscar Kunst
T +31 (0)24 3284 631
E Verstuur e-mail

Arnold Wielinga
T +31 (0)73 6874 216
E Verstuur e-mail

Informatie

 Duurzaam Ontwikkelen
     (180 kb)